Kwadrantmodel

In de brugklas wordt de leerlingen een aantal testen voorgelegd. Deze gaan o.a. over welbevinden, capaciteiten, faalangst, lees- en spellingsproblemen (waaronder dyslexie) en dyscalculi etc.
Als basis voor de begeleiding van de leerlingen wordt het kwadrantmodel gehanteerd. Van elke leerling wordt het volgende in kaart gebracht en onderhouden:

 leren gevoel 
 niet zichtbaar    kunnen
(capaciteitentoets)
 
willen
(schoolvragenlijst
naar welbevinden, motivatie,
en zelfbeeld)
 zichtbaarpresteren
(studieresultaten,
citoscore, advies basisschool)   
 doen
(studiehouding, gedrag, verzuim)

 

 

 

Met behulp van het kwadrantmodel kunnen teamleider en mentor zien of er sprake is van een verschil tussen enerzijds kunnen en presteren en anderzijds willen en doen. Wanneer dat het geval is wordt bekeken of, en zo ja welke, begeleiding zinvol en effectief is.